Tijdsfasen in ons werk

Voor 1989: Pioniersfase

Stichting Hulp Oost-Europa is in 1976 opgericht. Enkele jaren ervoor was oprichter, de hervormde predikant ds. J. van Rootselaar, in contact gekomen met christenen in Hongarije. In die tijd hielden de communistische regimes het midden en oosten van Europa in een ijzeren greep. Vooral de christenen hadden het moeilijk. Alles wat te maken had met kerk en godsdienst moest uit de openbare samenleving verdwijnen. Ds. Van Rootselaar wist vele christenen te raken met zijn ervaringen in Oost-Europa. Vanuit de Gereformeerde Bond in de toenmalige Nederlandse Hervormde Kerk (nu de Protestantse Kerk in Nederland) werd de stichting Hulp Oost-Europa opgericht. De eerste jaren kenmerkten zich door bemoedigingsreizen van bestuursleden en vrijwilligers. Tijdens deze reizen werden in het geheim Bijbels en geestelijke lectuur de landen binnengesmokkeld. Deze periode is te kenmerken als de zogenaamde pioniersfase van Hulp Oost-Europa.

Na 1989: Opbouwfase

Het jaar 1989 spreekt veel (oudere) mensen tot de verbeelding. In dit jaar veranderde de politieke situatie in Midden- en Oost-Europa drastisch. Communistische leiders werden afgezet. Christenen mochten weer openlijk hun geloof belijden. Kerkelijke gebouwen en scholen die afgepakt waren door de staat, werden weer ten dele (op verzoek) teruggegeven. De stichting heeft in die periode veel bijgedragen aan het opknappen en renoveren van kerken, scholen, pastorieën, en instellingen. Uiteraard werd geestelijke steun niet vergeten. Drukwerk kon zonder problemen op de plek van bestemming worden gebracht. Ook werd er samen met predikanten en kerkenraden gezocht naar mogelijkheden om de naasten te helpen. Dat bleek noodzakelijk, want de vrijheid zorgde niet voor de gedroomde economische vooruitgang. Deze periode tot het begin van de 21e eeuw is te kenmerken als de zogenaamde opbouwfase.

Het nieuwe millennium: Overgangsfase

In het begin van de 21e eeuw zijn verschillende landen in Midden- en Oost-Europa aangesloten bij de Europese Unie. Opnieuw droomden velen van economische vooruitgang, maar opnieuw gebeurde dat niet. Wel veranderde de publieke opinie in het westen van Europa. Vele Polen en Roemenen kwamen en komen naar Nederland om hier werk te zoeken. De crisis in Europa versterkte het gevoel dat deze mensen beter in hun eigen land konden blijven. Het negatieve sentiment in de westerse landen ten opzicht van de Oost-Europeanen heeft er wel voor gezorgd dat aandacht voor de hulpverlening aan landen in Midden- en Oost-Europa is bekoeld. Dit heeft consequenties voor het werk van Hulp Oost-Europa. Het bouwen met stenen is op de achtergrond geraakt, maar het bouwen met mensen blijft nodig. Aan het eind van deze periode kunnen we concluderen dat we te maken hebben met een overgangsfase.

Verder

We geloven dat ons werk niet klaar is. We komen veel noodsituaties tegen tijdens onze ontmoetingen in Oost-Europa. We willen trouw blijven aan onze relaties. We willen ze blijven helpen en ondersteunen waar nodig. Maar we doen dat in gezamenlijke verantwoordelijkheid met kerken en gemeenten in Oost-Europa. Daarin zijn we uniek:  de manier van werken van Hulp Oost-Europa is gericht op het kerkelijk grondvlak in Oost-Europa. Samen met onze achterban in Nederland willen we de plaatselijke gemeenten helpen een helper te worden en te zijn om zo in gezamenlijkheid te werken aan opbouw van Gods Koninkrijk.